Trampen op het Zuidereiland

In Nieuw-Zeeland noemen ze hiken ook wel trampen. En poeh, wat hebben wij de afgelopen dagen veel getrampt…

Onze trip over het Zuidereiland van Nieuw-Zeeland begon in Picton, waar we met de ferry vanuit het Noordereiland waren aangekomen. Het Zuidereiland is iets groter dan het Noordereiland, het is ongeveer 800km in lengte en 300km in breedte. Picton ligt in het noorden van het eiland, in het gebied Marlborough. Hier liggen ook de Marlborough Sounds, zeeinhammen omringd door groene heuvels met daartussen ‘verdronken’ valleien waarin de zee staat. Eenmaal aangekomen in Picton hebben we eerst een camping opgezocht en van daaruit zijn we gaan wandelen door een stukje van de Marlborough Sounds. Een wandeling bergop door het bos en eenmaal aangekomen bij de zee was het uitzicht prachtig. Het zeewater was helder turquase-blauw, daaraan lagen de omliggende groene heuvels en de lucht was mooi blauw. Eindelijk hadden we eens mooi zonnig weer in Nieuw-Zeeland. We hielden direct van het Zuidereiland. Wel zitten er hier meer muggen en zandvliegen. Zandvliegen zijn net als muggen, alleen voel je ze ook prikken. Met een korte broek is het oppassen geblazen en we zijn al behoorlijk lek geprikt.

Na Picton zijn we via een mooie route door de Marlborough Sounds langs de kust en via het stadje Nelson verder gereden naar Abel Tasman National Park. In Nelson zijn we de isite (een soort van VVV-kantoor) binnen gelopen voor wat informatie over Abel Tasman NP en we besloten een tripje te boeken voor de volgende dag om in het park te kajakken en hiken.

Het werd een sportieve dag! Met een groepje van 8 man kregen we in het dorpje Marahau, ten zuiden van het nationaal park, instructies voordat we met een gids de zee op gingen om langs de kust van het park te kajakken. Je kon met zijn 2en in een kajak, dus Lisanne voor om het tempo te bepalen en Rik, het powerhouse, achterin. Abel Tasman NP staat ook wel bekend om het heldere blauwe zeewater en de goudgele stranden. We hadden een goede dag uitgekozen want het was stralend weer, bijna geen wolkje aan de lucht. Het was ongeveer 8km (3 uurtjes) kajakken naar het strandje waar we zouden lunchen. Onze gids vertelde zo nu en dan wat weetjes over het park en over de vogels die we zagen. We kwamen langs een eilandje dat voor de kust lang en zagen daar zeehonden zonnebaden. Eenmaal op het strandje kregen we een lekkere lunch met brownies als toetje. Lisanne was helemaal in haar nopjes want ze mocht de overgebleven brownies meenemen. Daarna konden we zelf weer terug lopen naar Marahau, waar we onze tocht waren begonnen, maar we besloten eerst nog een paar kilometer verder door te lopen naar Anchoridge. Het pad ging door de tropische bossen (je hebt hier varens die eruit zien als palmbomen) langs de kust en zo nu en dan had je uitzicht over de zee en de kustlijn, prachtig! Bij Anchoridge was er een mooi strand en hebben we even bij de hut uitgerust voor we de 13km terug naar Marahau gingen lopen. Net toen we moe begonnen te worden kwamen we een jongetje met zijn vader tegen die een hol in de grond hadden gevonden waar een pinguïn in zat. Toen we gingen kijken zat de kleine pinguïn er nog steeds! Dat gaf weer energie voor het laatste stukje wandelen. Bij het bedrijf dat de kajaks aan ons verhuurd had konden we achteraf een warme douche nemen. Dat was fijn en verfrissend.

De volgende dag zijn we verder gereden door Takaka richting het noorden van Abel Tasman NP. Onderweg hebben we nog een paar treks gelopen. Een trek van 2 uur langs een hydro station waar je kon zien hoe ze stroom deden opwekken met het water uit de aangelegde waterweg. Daarna hebben we nog een half uur gelopen naar de heilige Te Waikoropupu springs. Dat is een zoetwaterbron met misschien wel het helderste water in de wereld, zo zeggen ze. Het water was inderdaad heel mooi helder en lichtblauw. Je kon alle waterplanten erin zien tot een aantal meter diep. Daar waar het water uit de aardkorst naar boven kwam zag je het bubbelen. Dit was een leuke tussenstop.

‘s Avonds op onze kampeerplaats waren we behoorlijk moe van al het wandelen de afgelopen dagen. We hebben gemerkt dat het probleem hier in Nieuw-Zeeland is dat er te veel te doen is. Overal is wel een trek te lopen, een waterval te bekijken, een viewpoint om een foto te maken. Bijna overal is het mooi. Maar van al dat lopen en bezig zijn wordt je ook moe. We namen ons voor om af en toe ook wat extra rust in te lassen zodat we ook goed fit blijven.

Maar nog niet de volgende dag want we wilden ook nog een noordelijk stukje van Abel Tasman NP bezoeken. Op weg naar het park kwamen we langs de Wainui Falls, dat bleek een hele leuke trek te zijn van 45 minuten naar een mooie waterval. Daarna reden we door naar Totaranui in Abel Tasman NP. We hebben er een mooie wandeling door het bos gemaakt en kwamen langs verlaten strandjes waar we van een afstandje zeeleeuwen in het water zagen zwemmen. We zagen ook een paar kiwi’s lopen door het bos, althans dat dachten we. Achteraf kwamen we erachter dat dit weka’s zijn, maar ze lijken dan wel verdacht veel op kiwi’s. Ons deed de vogel denken aan een soort van kruising tussen een kip en een eend.

De volgende dag zijn we door gereden naar het meest noordelijke puntje van het Zuidereiland, naar Wharariki Beach en naar Puponga. Wharariki Beach was boven verwachting leuk! Toen we het strand op kwamen lopen waren zeehondjes in de golven aan het spelen. Ze lieten zich lekker op de golven mee gaan en waren met elkaar aan het stoeien. Een stukje verderop staan rotsen in de zee die beter bekend zijn als de rotsen van de screensaver van Microsoft. Een van de twee rotsen heeft een gat in het midden en ziet er eigenlijk uit als een boog. Heel mooi. En nog een stukje verderop op het strand stonden rotsen die bestonden uit veel verschillende kleine steentjes die aan elkaar vast geplakt zaten, of zo. Het was allemaal mooi om te zien en toen we over het strand weer terug liepen werd ons de weg even gesperd door een zeehond die langs ons heen kwam huppen. Een stukje verderop in het kleine stadje Puponga had je vanaf een berg mooi uitzicht over de hele ‘golden bay’ en over de zandbanken in het uiterste noorden van het Zuidereiland.

Na het meest noordelijke puntje van het eiland bezocht te hebben besloten we dit deel van het land te verlaten en een flink stuk naar het zuiden te rijden en hebben we overnacht bij een free campsite bij de Maruia Falls. Het is heerlijk om zo in de natuur te kunnen kamperen alleen is het jammer dat er zoveel zandvliegen zitten. Daardoor, en ook vanwege een regenbui zo nu en dan, zitten we ‘s avonds toch vaak in de camper in plaats van buiten. Ook heb je daardoor niet heel veel contact met andere kampeerders. Iedereen is ‘s avonds ook bezig met zijn eigen ding en plannen aan het maken voor de volgende dag. Dat is toch iets anders dan het kamperen zoals we dat gewend zijn in Nederland of Frankrijk waar je langer dan een dag op dezelfde camping staat en meer aanspraak met de buren hebt. Op sommige betaalde campings zijn wel gezamenlijke keukens waar we kunnen koken en met andere mensen kletsen. Daar hebben we op zijn tijd ook wel behoefte aan. Het voordeel van met zijn tweeën reizen is dat we ons eigenlijk nooit eenzaam voelen, maar zo nu en dan onder andere mensen komen is wel fijn. Sowieso is het leuk om tips en ideeën uit te wisselen met andere reizigers.

De volgende dag zijn we via Punakaiki doorgereden naar het stadje Greymouth. In het kustplaatsje Punakaiki heb je de ‘pancake rocks and blowholes’. De pancake rocks hebben groeven waardoor ze eruit zien als stapels pannenkoeken. Lisanne kreeg er honger van. En daartussen lagen de blowholes. Gaten in de rotsen waardoor de zee water naar boven spuugde. Een blowhole zag eruit als een schoorsteen, het water dat uit de rotsen kwam zag eruit als rook die uit een schoorsteen komt, vandaar ook zijn naam Chimney.

Het was een mooie route verder langs de kust naar Greymouth. Daar konden we op een free campsite aan het water staan. Het regende die avond, maar vlak voor de zonsondergang rond 21:30 uur klaarde het op en we hebben in Nieuw-Zeeland nog niet eerder zo’n mooie zonsondergang gezien. Bij de kleine vuurtoren aan de kade hebben we staan kijken naar de mooie kleuren in de lucht.

De dag erna verlieten we de westkust om het binnenland in te trekken, richting de Nieuw-Zeelandse Alpen. We begonnen de dag ‘trampent’ met een wandeling van een uurtje naar een waterval en daarna reden we verder landinwaarts. Bij een tussenstop in de buurt van Hotikita zagen we dat de camper een beetje water lekte (alsof Billy de camper een loopneus had). We hadden het vermoeden dat het van de airco was die aanstond maar besloten voor de zekerheid even een service garage binnen te rijden. Een monteur kroop vrijblijvend even onder de camper, constateerde dat het de airco was en dat het volkomen normaal was, en wij konden gerustgesteld verder rijden naar Franz Josef.

Eenmaal in Franz Josef zijn we eerst het informatiecentrum binnen gelopen om te kijken wat er allemaal te doen is en welke hikes je kunt doen. We besloten de volgende morgen om 5 uur (!) op te staan zodat we om 6 uur aan een trek konden beginnen die de bergen in ging. Ze hadden vanaf 11 uur namelijk bewolking voorspeld en dat wilden we voor zijn. De hike ging naar een uitzichtpunt van waaruit je de Franz Josef Gletsjer kon zien liggen. Het was 2 uur bergop lopen/klauteren door een bos/jungle maar het uitzicht was dat zeker waard. Daarna wilden we nog een korte trek doen naar een uitzichtpunt van waaruit je de gletsjer van dichtbij (750m) kon zien. Allemaal gelukt voordat de wolken kwamen! De zon scheen ook die ochtend, grappig om in een t-shirt een gletsjer te bekijken. We besloten daarna om door te rijden naar Fox Glacier, nog een gletsjer ongeveer 40 km verderop. We reden via Lake Matheson dat erom bekend staat dat de Alpen met hun besneeuwde toppen in de verte zo mooi reflecteren in het water van het meer. Eerst hebben we er op de parkeerplaats geluncht. Dat is handig met de camper, we hebben onze keuken altijd bij ons. Helaas stond er wind op het meer en was de reflectie door de rimpelingen van het water niet echt te zien, maar evengoed was het een mooie wandeling om het meer. De treks rondom De Fox gletsjer waren helaas afgesloten omdat het pad naar de gletsjer onlangs was ingestort en het herstellen ongeveer een maand ging duren. Die gletsjer hebben we dus alleen vanuit de verte gezien.

Daarna zijn we verder naar het zuiden gereden en de route ging weer een stukje langs de westkust via de plaats Haast. Wij hadden gelukkig geen haast en konden een aantal kilometer voor Haast een tussenstop maken voor de Ship Creek Walk, een korte route langs het strand. Bij dit strand worden geregeld dolfijnen gezien. We meenden in de verte al een paar vinnen boven het water uit te zien komen, maar toen we dichterbij kwamen bleken dat vogels. We liepen nog een stukje verder en hadden de hoop al bijna opgegeven toen we daadwerkelijk groepjes vinnen boven het water uit zagen komen. Toen we iets dichterbij liepen sprongen een paar kleine dolfijnen een paar keer in de lucht om een salto te maken. Super leuk om te zien. Het was alle zandvliegen die hier rondvlogen en ons verveelden meer dan waard.

Op weg naar Wanaka, een stadje landinwaarts tussen de Alpen, reden we langs het mooie Lake Wanaka, een heel mooi helder blauw meer omringd door de bergen. Op sommige bergtoppen lag nog een beetje sneeuw. Er lag een camping aan het meer en we besloten hier te blijven voor de nacht. Rik heeft deze nacht zijn wekker op 02:30 gezet om te bekijken of het mogelijk was om de sterren te fotograferen. De lucht was helder en op het strandje bij onze overnachtingsplaats heeft hij prachtige sterrenfoto’s kunnen maken.

Tot zover stelt Nieuw-Zeeland absoluut niet teleur. Vriendelijke mensen, leuke dieren (behalve de zandvliegen) en prachtige, afwisselende natuur. We kijken ernaar uit om hier de komende weken nog wat meer te ‘trampen’.

Foto’s Zuidereiland deel I

Nieuw-Zeeland: Eerste week op het Noordereiland

We zijn in Nieuw-Zeeland! En wat een cultuurshock is dit! Na ruim 4 maanden door Azië gereisd te hebben zijn we aan een aantal zaken gewend geraakt: slechte wegen, geen verkeersregels, lekker eten zonder zelf te hoeven koken, het leven is goedkoop, niet iedereen spreekt goed Engels, wc’s die vaak niet meer zijn dan een gat in de grond, hier en daar redelijk aardig internet, hoge luchtvochtigheid en het wordt rond 6 uur donker. Dat is in Nieuw-Zeeland allemaal anders.

We zijn op het vliegveld in Auckland, op het Noordereiland, aangekomen. Wat was het heerlijk dat iedereen hier goed Engels spreekt en dat alles goed geregeld was. Ook het busje dat ons naar ons Airbnb appartementje zou brengen stond al klaar en we waren er zo. Wel even slikken dat de prijzen hier veel duurder zijn. Alles is weer vergelijkbaar met de Nederlandse prijzen, het een iets goedkoper, het ander iets duurder. We hadden een kamer dichtbij het centrum van Auckland in het appartement van Hugh, een man van een jaar of 40, op de 9e verdieping. We zouden hier eerst 2 dagen verblijven voordat we onze gehuurde camper op gingen halen om hierin de komende 2 maanden de rest van Nieuw-Zeeland te gaan verkennen. Zo konden we eerst uitrusten van de vliegreis en Auckland op ons gemak verkennen. De eerste dag hebben we wat geslapen omdat we daar in het vliegtuig niet veel aan toe waren gekomen. Daarna hebben we een wandeling door de wijk gemaakt, o.a. langs een gezellige foodcourt en we hebben boodschappen gedaan voor het avondeten! Koken, dat was lang geleden. In het appartement van Hugh hebben we een lekkere pasta gemaakt. We konden het nog.

Auckland is heel heuvelachtig, de stad is op verschillende kraters gebouwd. De volgende dag hebben we een van die kraters middenin de stad, mount Eden, beklommen. Tegenwoordig is deze helemaal begroeid met gras en bomen, een stadspark. Lekker om na een aantal rustige dagen weer eens een berg te beklimmen. Een heuveltje eigenlijk. Na de bergen in Nepal lijken alle anderen heuveltjes. Je had bovenop mount Eden mooi uitzicht over de stad. Verder hebben we nog wat door Auckland gewandeld en in het appartement met Hugh gekletst. Grappig hoeveel het ons hier aan Nederland doet denken. De goede wegen, alles is duidelijk en goed geregeld, de mensen, de winkels en het aanbod in de supermarkt (we hebben al mayonaise en pindakaas ingeslagen).

De volgende dag was het tijd om onze camper op te halen! Ons huisje voor de komende 2 maanden. Eerst willen we het Noordereiland gaan verkennen, dan met de ferry naar het Zuidereiland en vervolgens weer terug naar het Noordereiland omdat we de camper weer in Auckland in moeten leveren. De ‘Happy camper’ (het verhuurbedrijf heet Happy Campers) heeft achter de bestuurdersstoelen een klein keukentje met een koelkastje, gasfornuis met 2 pitjes, een gootsteen en wat opbergruimte. Achterin de camper staan banken en een tafel die ‘s avonds omgebouwd kunnen worden tot bed. We hebben onze camper Billy genoemd. 🙂 Even wennen is dat we links moeten rijden. De pook om te schakelen zit ook links en het knipperlicht en de ruitenwisser knoppen zitten omgedraaid. We hebben de ruit vooral de eerste dag heel goed gewassen.

Daar gingen we dan, Rik achter het stuur, op weg naar het zuiden. Onze eerste stop was bij de Pak ‘n Save (een soort van Aldi/Lidl) voor de boodschappen en huishoudelijke artikelen. Auckland was druk, maar eenmaal buiten Auckland waren de wegen rustiger. Het landschap was al direct mooi, vol met veel groene grasheuvels. Met de handige app CamperMate hebben we een camping gezocht voor de avond in de buurt van Hobbiton, want daar hadden we de volgende dag afgesproken. Onze camper is ‘self-contained’ omdat we water hebben en er zit ook een kleine draagbare wc in. Die proberen we niet te gebruiken, maar omdat hij erin zit mogen we ook op free campings staan. Dat zijn gratis campings met vaak alleen een toiletgebouw. Er is geen elektriciteit, water, douches of andere faciliteiten. Wel kan er controle zijn op die campings dat mensen er niet langer dan 2 tot 4 dagen blijven staan. We kunnen met onze camper ongeveer 3 dagen op een free campsite staan voordat we weer naar een betaalde ‘powered campsite’ moeten om de accu voor de koelkast weer op te laden. Dat is voor ons het moment om ook alle andere apparatuur op te laden, te douchen (alhoewel je tussendoor eventueel ook openbare douches kunt vinden) en de was te doen. De eerste avond stonden we op een mooie free campsite langs een rivier. Het was nog te fris om lang buiten te zitten, maar we hebben lekker pasta gekookt (voorlopig nog even geen rijst – daar hebben we in Azië genoeg van gehad) en knus binnen gezeten.

De volgende dag hebben we Hobbiton bezocht, de bekende filmsite uit The Lord of the Rings en The Hobbit. We hadden hier met Tan en Lieke afgesproken. Tan is een vriend van Lisanne met wie ze samen in Tilburg gestudeerd heeft en hun vakantie in Nieuw-Zeeland kruist perfect met onze reis. Super leuk om weer even bekenden te zien! We hadden ruim voordat onze toer door Hobbiton zou beginnen afgesproken in het café bij Hobbiton om bij te kunnen kletsen. Helaas regende het deze dag en moesten we de toer met paraplu’s doen. Evengoed was het heel leuk om de filmset te zien en het mooie heuvelachtige landschap hier. We konden langs de verschillende hobbitholes lopen en er werden allerlei weetjes verteld over hoe en waar er gefilmd was. In het café The Green Dragon uit de film kregen we een biertje. Na de toer hebben we met Tan en Lieke nog een lekker hapje gegeten in Hamilton voordat zij verder naar het noorden trokken en wij naar het zuiden.

De hele week bleef het weer erg wisselvallig, erg Nederlands. Veel bewolking, af en toe zon en af en toe regen. Het landschap was wel erg mooi. Bijna elke weg is mooi, door groene heuvels met schapen, koeien en hier en daar een boerderij. De dag na Hobbiton hebben we de Waitomo caves bezocht die bekend staan om de vele gloeiwormen. De toer door de grotten was erg kort (en naar onze mening veel te duur voor wat je kreeg – we moeten nog steeds wennen aan de prijzen hier) maar het was voor een moment wel magisch. In een bootje werden we door de pikdonkere grotten gevaren en daar zagen we duizenden kleine lichtjes (de gloeiwormen) tegen het plafond. Helaas hebben we daar geen foto’s van want je mocht er niet fotograferen. We kwamen zowaar een klein beetje in de kerststemming van al die lichtjes. We hadden al wat kerstliedjes op de Nieuw-Zeelandse radio gehoord en wat kerstbomen gezien in de stad, maar dat voelde voor ons compleet misplaatst want het is hier bijna zomer. Je hoort hier dezelfde kerstliedjes en ziet dezelfde kerst accessoires als in Nederland, maar zonder koude donkere dagen geven die toch niet dezelfde sfeer. Wel grappig is dat bij sommige supermarkten de medewerkers verkleed zijn als kerstelfen.

In de buurt van de Waitomo caves hebben we nog een wandeling gemaakt en de mooie Marakopa falls bezocht voordat we verder zijn gereden naar Lake Taupo. Hier hebben we voor het eerst op een betaalde powered campsite gestaan en ook hadden we hier weer eens internet. Wat je misschien niet zou verwachten is dat internet in Nieuw-Zeeland heel slecht is. We hebben wel een Nieuw-Zeelandse sim-kaart, maar er is niet altijd bereik of er is slecht bereik. Heel veel goede WiFi spots zijn er ook niet, maar bij de McDonalds is het soms wel oké. Zo hebben we, zonder er te eten, al een paar keer op de parkeerplaats bij de McDonalds gestaan om even wat op te zoeken of een keertje met Nederland te videobellen.

Lake Taupo is een redelijk groot meer en ligt in een geothermisch gebied. We hebben hier een dag doorgebracht en de omgeving verkend. Ten noorden van het meer kun je op gezette tijden zien hoe de dam water vanuit het meer de rivier in laat stromen. Het stukje rivier na de dam vult zich in een paar minuten helemaal met water en dat kolkt dan naar beneden. Ongelooflijk trouwens hoe mooi helder blauw het water van de rivier is. Ook zijn we een uur lang de rivier af gelopen om uiteindelijk uit te komen bij een hot spring. Een stroom met natuurlijk warm bronwater mondt hier uit in de koude rivier. We hebben er onze zwemkleding aangetrokken en lekker gebadderd. Op het eind van de dag hebben we het park “Craters of the moon” bezocht dat in geothermisch gebied ligt. Er loopt een verhoogd pad door het park en door verschillende scheuren in de grond om ons heen kwam stoom. Ook lagen er een aantal kraters met daarin mud pools en veel stoom. De grote grijze regenwolken boven ons maakten het geheel extra onheilspellend. Ondanks de voorspelde regen was het tot nu toe een mooie dag geweest, maar na een kwartiertje in het park kwam alles met bakken uit de lucht. Kwamen onze poncho’s (we hadden ze voor de trekking in Nepal gekocht maar niet nodig gehad) toch nog van pas! In onze poncho’s onder de paraplu hebben we op een bankje zitten wachten tot de ergste regen weer voorbij was. We konden er gelukkig wel om lachen en al dat water en de stoom in het park was wel een indrukwekkend gezicht.

Helaas waren de weersvoorspellingen voor de dagen erna niet goed en we besloten daarom direct door te rijden naar Wellington, de hoofdstad van Nieuw-Zeeland. Die ligt helemaal zuidelijk op het Noordereiland en je kunt hier de ferry nemen naar het Zuidereiland. De bekende Tongariro crossing in de buurt van Lake Taupo, een eendaagse hike over een vulkaan, is gesloten bij slecht weer. Aangezien we toch weer terug gaan komen naar het Noordereiland op het einde van onze Nieuw-Zeeland roadtrip, hopen we die hike dan te kunnen doen. We hebben nog niets vooruit gepland en zijn gelukkig flexibel.

Via een mooie route door het binnenland zijn we richting Wellington gereden. Onderweg zagen we de donkere wolken boven Tongariro national park hangen. 30km boven Wellington hebben we op een hele mooie campsite aan de kust overnacht. De zonsondergang was hier prachtig, alleen waaide het keihard en buiten zitten was geen optie, maar vanuit de camper was het ook goed te zien.

De volgende dag hebben we ontbeten op een parkeerplaats een stukje verderop. Daar waaide het minder hard en was het gezelliger om even te zitten. We waren niet de enigen met dit idee en er stonden meerdere campers. Sommige mensen gingen hier even douchen in de buitendouches die hier stonden. Een half uur later reden we Wellington binnen. Dat was een mooi gezicht, want Wellington ligt aan de kust en heeft verschillende baaien en een gedeelte van de stad ligt in de heuvels. In Wellington zelf is niet al te veel te beleven. We hebben weer een ‘heuveltje’ beklommen, namelijk mount Victoria die middenin de stad ligt en van waaruit je een mooi uitzicht hebt over de hele stad. We hebben wat door het centrum gelopen en boodschappen gedaan om vervolgens een mooie campsite net buiten Wellington op te zoeken. Die lag prachtig aan de Red rocks trail. Ook brak hier even de zon door en konden we eindelijk eens buiten eten, met een mooi uitzicht over de zee en de kustlijn. Dat is lekker kamperen.

De volgende ochtend wilden we de Red rocks trail gaan lopen maar het regende. We besloten daarom Wellington in te gaan naar The Garage Project, een lokale brouwerij die in een garage was gestart en nog steeds in een (hele grote) garage zat. We konden er speciaal biertjes proeven en hebben er een paar meegenomen. Lekker! Inmiddels was het weer opgeklaard en zijn we terug naar de camping gereden om alsnog de Red rocks trail te lopen. Een mooie route langs de kust. Tussen al het zwarte lava gesteente lagen opeens een aantal rode rotsen. En ook konden we er een aantal zeeleeuwen spotten! Super leuk want deze tijd van het jaar zitten er niet veel hier. Op de terugweg zijn we de bergen langs de kust in getrokken. Ik bedoel, we moesten onze dagelijkse ‘heuvel’ nog even meepakken en het uitzicht boven was prachtig!

De volgende dag hebben we de Interislander ferry genomen naar het Zuidereiland, een tocht van 3,5 uur. Het was echt een enorme boot en onze camper Billy mocht er ook op. Het waaide behoorlijk en er waren flinke golven. We werden al snel misselijk en zijn in het midden van de boot buiten op het dek gaan staan. Frisse lucht, dat hielp gelukkig, anders was het een lange rit geworden. Toen we de bergen van de Marlborough Sounds van het Zuidereiland naderden ging de wind liggen. Het was een prachtige route tussen de bergen door naar de haven van Picton, waar we een camping opgezochten.

Inmiddels zitten we alweer een tijdje op het mooie Zuidereiland maar hierover later meer. We hebben niet vaak elektriciteit om de laptop op te laden en we zijn ook bijna de hele tijd bezig (rijden, wandelen, koken, afwassen, poetsen…) dus we liggen wat achter met de foto’s en verhalen. Om de zoveel dagen vinden we wel weer een McDonalds, dus we komen er wel, alles op z’n tijd.

Tot de volgende keer! R&L

Foto’s Nieuw-Zeeland: Noordereiland deel I

Scroll naar boven

This content is protected